Tip de redactie

Wat zijn je gegevens?
Over welk onderzoek gaat het?
Wat is je tip?
Voeg een document toe (optioneel)

Via bovenstaand formulier mail je jouw tip direct naar de redactie.

Stuur je liever een mail, dan kan dat op:

demonitor@kro-ncrv.nl

Een tip per post kan naar:

KRO-NCRV
t.a.v. De Monitor,
Postbus 25000
1202 HB Hilversum

Zorgvuldig en anoniem

We lezen alle tips zorgvuldig en zullen indien nodig contact met je opnemen als wij meer informatie kunnen gebruiken. Wij zullen onze bronnen altijd beschermen. Indien gewenst dragen wij zorg voor jouw anonimiteit.

Verwarde mensen

‘Ik ben, zoals de media dat noemen, een verward persoon’

25 juli 2017, 9:47 - Anne de Blok
Bron: ANP

‘Enkele weken geleden raakte ik als gevolg van mijn hallucinaties ernstig ontregeld. Ik ontwikkelde paranoïde wanen en raakte in een psychose. Na enkele onrustige nachten vind ik mijzelf terug op een viaduct en sta ik mijzelf moed in te praten om te springen. Ik ben, zoals de media dat noemen, een “verward persoon”.’

Het zijn de eerste vier regels van een e-mail die ik vorige week in mijn inbox trof. Het verhaal dat volgde trof mij zo recht in het hart dat ik besloot de dame in kwestie te bellen. Ik vertelde haar over ons onderzoek, wat mij zo raakte in haar e-mail en vroeg haar of ik haar verhaal zou mogen publiceren. Dat mocht en samen met haar redigeerden we de tekst zodat haar privacy gewaarborgd zou blijven. Hieronder het vervolg van haar getuigenis van hoe het is om verward te zijn en door de politie te moeten worden afgevoerd.

‘Op het moment dat ik wil springen, ben ik geen bedreiging voor anderen. Toch komt er politie. Ze pakken me vast en er ontstaat een worsteling. Ik word geboeid. Ik ben bang, probeer los te komen. De handboeien snijden in mijn polsen en de angst wordt elke seconde sterker. Ik zie en hoor nog steeds dingen die er niet zijn en kan ondanks verwoede pogingen niet ontsnappen, noch aan de beelden en geluiden in mijn hoofd, noch aan de fysiek tastbare bedreiging die de politie op dat moment voor mij vormt.’

‘De handboeien snijden in mijn polsen en de angst wordt elke seconde sterker’

‘Aangekomen bij het cellencomplex wordt de angst alleen maar erger. Ik krijg flashbacks naar een gelijke situatie en probeer in een vlaag van angst en paniek los te komen. Ze leggen me op een plastic matras, kleden me uit en fouilleren me. Angst. Paniek. Schreeuwen. Smeken om niet alleen te worden gelaten, maar de deur gaat dicht. Een meisje, in pure doodsangst, alleen in een cel. Geen indicatie van tijd. Geen menselijk contact. Geen enkele regie. Niets. Wat overblijft is enorme machteloosheid en immense angst.’

‘Ergens in die nacht word ik bezocht door een arts. Elke keer dat de celdeur weer dichtgaat, sterf ik van binnen. Ik ben zo bang. Pas in de ochtend komt er een ambulance om me naar een opnameafdeling te brengen. Op dat moment heb ik al uren in de cel gezeten en ben ik gebroken. Lichamelijk: armen en benen vol blauwe plekken. Geestelijk: alleen, kwetsbaar en zo ontzettend bang. Alle menselijkheid is uit de situatie weggesijpeld.’

‘Elke keer dat de celdeur weer dichtgaat, sterf ik van binnen’

‘Ik weet dat de politie niet anders kon. Ik kan ook niet boos zijn op de agent die me handboeien omdeed, de agent die me in een auto stopte, de agent die m’n shirt uittrok of de agent die me fouilleerde. Ik kan zelfs niet boos zijn op de agent die me recht aankeek en ondanks mijn smeken en schreeuwen de deur van de cel telkens weer dichtdeed. Zij hadden ook geen keuze.’

‘Die keuze hadden ze wel moeten hebben. Mensen die op hun kwetsbaarst zijn en die bovenal vaak geen strafrechtelijk feit hebben gepleegd horen niet in de cel. Hoe er nu met verwarde personen wordt omgegaan is mensonterend en geeft littekens. Littekens die niet makkelijk weggaan. Ik weet dat ik niet alleen ben. Met mij zijn vele mensen, ieder jaar, die in verwarde toestand in een cel belanden. Die urenlang in pure angst en paniek aan hun lot worden overgelaten. Die worden behandeld als crimineel. En dat zou niet zo moeten zijn.’

Lees hier meer over de pilot ‘Opvang Verwarde Personen’ in Den Haag

‘Ik deel mijn verhaal in de hoop dat het misschien iets positiefs teweeg brengt. Verwarde mensen horen niet in een cel. Ze hebben hulp nodig. Als het echter toch zover komt dat een verwarde persoon moet worden opgevangen, laat het dan alsjeblieft humaan zijn. De cel verergert de verwardheid. Het maakt de angst, paniek en agressie alleen maar groter. En als er dan een arts langs komt om je te beoordelen, leidt dat vaak tot zwaardere maatregelen dan eigenlijk nodig is. Zoals een gedwongen opname, dat op zijn beurt ook weer littekens op de ziel kan geven. Het zo breed mogelijk doorvoeren van een goede opvang voor momenten dat het met ons mis dreigt te gaan kan hier een eind aan maken. Het kan mensen op hun meest kwetsbaarste moment een menswaardige behandeling bieden.’

‘Ik deel mijn verhaal in de hoop dat het misschien iets positiefs teweeg brengt’

‘Wat betreft mezelf: inmiddels ben ik weer thuis en gaat het beter. Ik ben (gelukkig?) veel stukken van wat er is gebeurd kwijt. Echter, in tegenstelling tot de blauwe plekken, zijn de psychische littekens blijvend. Ik heb vanaf de eerste nacht na het incident nachtmerries waarin ik delen van de situatie herbeleef, en als ik buiten politie zie of sirenes hoor, raak in nog steeds in paniek. Ik kan het daarom niet vaak genoeg zeggen: verwarde mensen horen niet in de cel.’

Wil je hierop reageren of wil je zelf ook een bijdrage leveren aan ons onderzoek naar de zorgverlening rondom ‘verwarde mensen’? Mail ons dan op demonitor@kro-ncrv.nl.

Toon reacties
Reageer