Tip de redactie

Wat zijn je gegevens?
Over welk onderzoek gaat het?
Wat is je tip?
Voeg een document toe (optioneel)

Via bovenstaand formulier mail je jouw tip direct naar de redactie.

Stuur je liever een mail, dan kan dat op:

demonitor@kro-ncrv.nl

Een tip per post kan naar:

KRO-NCRV
t.a.v. De Monitor,
Postbus 25000
1202 HB Hilversum

Zorgvuldig en anoniem

We lezen alle tips zorgvuldig en zullen indien nodig contact met je opnemen als wij meer informatie kunnen gebruiken. Wij zullen onze bronnen altijd beschermen. Indien gewenst dragen wij zorg voor jouw anonimiteit.

Flexwerk

Bij de KRO-NCRV is meer dan 35% flex: noodzaak of bewust beleid?

3 februari 2017, 16:00 - Bastiaan Hetebrij
redactie van De Monitor

De KRO-NCRV heeft een flexibele schil van meer dan 35%, maar kan niet aangeven waar die precies uit bestaat. Ze voldoet wel aan de regels die de CAO stelt, maar die gaan alleen over de verdeling tussen vast werk en tijdelijke contacten en niet over bijvoorbeeld zzp’ers of collega’s die via payroll worden betaald. Volgens de journalistenvakbond NvJ kunnen veel meer mensen in vaste dienst.

In november deden wij een oproep voor ons dossier flexwerk omdat we ervaringen zoeken van mensen met een flexbaan. Vrijwel meteen krijgen we een tip vanuit onze eigen omroep, de KRO-NCRV. Een freelancer schrijft dat ze er na een bepaalde periode uit moet, dat ze dat jammer vindt en ook niet goed begrijpt. Ze functioneert prima en er lijkt genoeg werk.

Naar aanleiding van ons dossier en het Monitor-debat van afgelopen maandag over dit onderwerp krijgen we ook vragen over hoe het in onze organisatie zit als het gaat om de verhouding tussen vaste en tijdelijke contracten. In het kader van transparantie hebben we ook gekeken hoe de bij ons is geregeld.

Zo werken bij De Monitor ook flexwerkers. Een ideale verhouding bestaat niet, zo zegt de KRO-NCRV, maar in de CAO is een verhouding afgesproken: maximaal 75% contracten voor onbepaalde tijd tegen 25 % contracten voor bepaalde tijd. Als de Ondernemingsraad dat goed vindt, mag een omroep daar van afwijken, en dat is bij de KRO-NCRV gebeurd.

Monitor__Linegraph_flexvast.jpg

Het aantal flexwerkers stijgt dus snel, van 28,5% naar 37,6% in twee jaar tijd. De omroep verklaart dat vanuit de verandering in omroepland. Het aantal programma’s dat een omroep van de NPO mag maken is steeds onzekerder geworden en wordt bovendien door de NPO steeds later bekend gemaakt. ‘Door de openstelling van het publieke bestel is de competitie groter. Dit leidt tot minder zekerheid van programma intekening en dat leidt weer tot meer fluctuaties in het personeel.’, zo zegt de KRO-NCRV. Deze trend naar meer flexwerkers leidt wel tot meer zekerheid voor medewerkers met vast dienstverband, zoals ikzelf, en er zijn ook minder reorganisaties. Maar daar koopt de flexcollega natuurlijk weinig voor.

Geen invloed

Onze Ondernemingsraad is akkoord gegaan met een uitzondering op de in de CAO aangegeven bandbreedte. Ze schrijft ons: ‘Dat de OR toch –zij het met tegenzin- akkoord is gegaan met fluctueren tussen de 60 en 75% vast (en dus tussen 40 en 25% tijdelijk) heeft alles te maken met de onzekerheid over het plaatsen van programma’s in het publieke bestel, waar KRO-NCRV zelf vrijwel geen invloed meer op heeft.’

We hebben de antwoorden aan onze tipgever voorgelegd en ze laat weten dat ze met heel veel plezier bij ons werkt en genoegen neemt met haar flexpositie. Maar ze houdt twijfels omdat er volgens haar meerdere programma’s zijn waar zoveel continuïteit is dat het mogelijk moet zijn meer vaste contracten te geven.

Slecht voorbeeld

Thomas Bruning van de journalistenvakbond NvJ hamert er al jaren op dat de flexibele schil bij omroepen te groot is. Hij bevestigt dat er meer onzekerheid bij de omroepen is over de continuering van de programmering. ‘Dus na 15 jaar wanbeleid bij de omroep (namelijk sinds de invoering van de Wet flexibiliteit en zekerheid, red.) is er dan eindelijk een excuus.’ Volgens de NvJ zijn er nog steeds goede oplossingen zoals het breder inzetbaar maken van personeel of afspraken maken met andere omroepen. Bruning vindt dat er onwil is bij de omroepen en de NPO om daar wat mee te doen.

Volgens de NvJ zitten de omroepen in een machtige positie. Het aanbod van journalisten dat graag wil werken is heel groot. Deze flex’ers hangen aan het lijntje en omroepen hebben juist een belang bij een zo groot mogelijk aanbod van flexwerk. Bruning vindt dat de publieke omroep, als publieke organisatie, een slecht voorbeeld geeft. RTL doet het bijvoorbeeld beter.

De NvJ heeft ook forse kritiek op de Persgroep van kranten als De Volkskrant en Trouw. De vakbond hoort dat daar 1 op de 5 mensen een flexbaan heeft, tegen vaak ondermaatse bedragen, onder de CAO-tarieven. Het gaat vaak om mensen die voor maar een maand of zelfs een dag worden ingehuurd en dus niet snel zullen protesteren, zelfs al zijn het avond- of weekenddiensten.

Geen overzicht

Overigens had de KRO-NCRV aanvankelijk geen antwoord op de vraag over het aantal freelancers, zzp’ers, oproep- en invalkrachten en payrollers. Die vallen officieel niet onder de ‘contracten voor bepaalde tijd.’ Daar staat ook niets over in de CAO. Er is dus een extra flexibele schil die níet gereguleerd is en waar je dus alles over wilt weten om echt te kunnen beoordelen hoe een omroep met flex omgaat. Als we de KRO-NCRV daar op doorvragen zeggen ze dat extra inhuur decentraal wordt geregeld en er geen centraal overzicht van bestaat.

Heb je meer informatie over hoe met flexwerkers wordt omgegaan, meld je dan bij demonitor@kro-ncrv.nl.

Toon reacties
Reageer